Hoe werkt het?

In elke proefopstelling doorloop je 5 stappen:

  1. De voorbereiding
  2. De instrumenten
  3. Het experiment
  4. De lakmoesproef
  5. Het vrije experiment

Noteer je antwoorden op de vragen op papier of in een Word-bestand.

Succes!

Wat heb je nodig?

  • Pen en papier of een leeg Word-document.
Ga naar stap 1

Stap 1: De voorbereiding

Voor het schoolvak Nederlands lees je boeken – dat is oud nieuws. Zoals je ook zult weten, moeten die boeken aan een aantal eisen voldoen. Je docent wil dat ze oorspronkelijk in het Nederlands geschreven zijn. En dat ze het kwaliteitslabel ‘literatuur’ verdienen. Of boeken aan die eerste eis voldoen, kun je gemakkelijk controleren. Maar de tweede eis is ingewikkelder: want wat is ‘literatuur’ eigenlijk?

Het is een even korte als moeilijke vraag. Over het antwoord wordt al eeuwen nagedacht. Heel lang zocht men het antwoord vooral in kenmerken van teksten zelf. Literaire kwaliteit zou door bijvoorbeeld de stijl of het onderwerp van een tekst bepaald worden. Sinds het eind van de twintigste eeuw wordt ook naar de context van teksten gekeken. Tot die context hoort bijvoorbeeld de commissie die de Nobelprijs voor Literatuur uitdeelt. Net als jouw eigen docent Nederlands bepaalt die commissie wat voor literatuur door kan gaan: ze zijn beiden normbepalend. 

In deze proef maak je zowel kennis met onderzoek dat het antwoord op de vraag ‘wat is literatuur?’ in de teksten zelf zoekt, als met onderzoek dat naar de context kijkt (bijvoorbeeld naar normerende commissies of personen). In beide gevallen gaan onderzoekers er vanuit dat in de loop der tijden verschuivingen optreden in welke genres (tekstsoorten) tot de literatuur gerekend werden. Zo was de roman – nu een gangbaar literair genre – in de zeventiende eeuw nog een ‘weinig geacht buitenbeentje’, zoals literatuuronderzoekers Porteman en Smits-Veldt stelden. En dat normen over de kwaliteit van teksten verschuiven: tot 1880 werd het volgen van klassieke regels en voorbeelden belangrijk geacht voor het schrijven van een literaire tekst. Nu is ‘schrijven volgens vaste regels’ juist geen voorwaarde voor het produceren van literatuur: originaliteit is veel belangrijker.

Opdrachten

  1. Lees deze aanval op de leeslijst op de middelbare school van Christiaan Weijts. Welke opvatting over literaire kwaliteit valt Weijts hier aan?
  2. Wat zijn volgens jou 3 kenmerken van literaire kwaliteit of ‘literatuur’? Vergelijk je antwoord met een klasgenoot. Waarover zijn jullie het eens, en waarover niet?

In de volgende stap maak je kennis met manieren waarop je kunt onderzoeken wat binnen samenlevingen als literaire kwaliteit gezien wordt. Hoe onderzoek je dat?

Stap 2: De instrumenten

Als je een antwoord wilt vinden op wetenschappelijke vragen, dan moet je eerst duidelijk weten wat precies je vraag is. Daarna heb je instrumenten nodig waarmee je kunt beschrijven wat je onderzoekt. In deze proef introduceren we de instrumenten – in dit geval: termen – die je nodig hebt om het verschijnsel ‘literaire kwaliteit’ te onderzoeken en met elkaar te bespreken. We gebruiken de termen ‘literair veld’, ‘poortwachter’ en ‘symbolisch kapitaal’. 

Literair veld, poortwachter en symbolisch kapitaal uitgediept

De Franse filosoof Pierre Bourdieu introduceerde in zijn boek Les règles de l’art: genèse et structure du champ littéraire (De regels van de kunst. Wording en structuur van het literaire veld) (1992) het begrip ‘literair veld’. Hij gaf daarmee een belangrijke impuls om het antwoord op de vraag ‘wat is literatuur?’ in de context van teksten te gaan zoeken.

Je kunt je Bourdieu’s literaire veld voorstellen als een marktplein waarop alle spelers rondlopen die betrokken zijn bij de productie en waardering van literatuur: schrijvers, uitgevers, recensenten, redacteuren, boekverkopers etc. Iedereen heeft een taak, maar ook een belang. Er zijn marktleiders als een grote uitgeverij als De Bezige Bij, of een gevierd schrijver als Connie Palmen of de gezaghebbende boekenbijlage van het NRC Handelsblad. Wil je jouw waar aan de man brengen als debuterend schrijver, als recensent of uitgever, dan kun je niet om hen heen. Ze worden in Bourdieu’s theorie de ‘poortwachters’ genoemd. Ze bewaken de toegang tot het literaire veld. De autoriteit van deze marktleiders noemde Bourdieu ‘symbolisch kapitaal’: dat is geen geld, maar wel een waarde. Met mensen met symbolisch kapitaal in contact komen, helpt je vooruit en brengt je in de buurt van economisch kapitaal (geld).

Het literaire veld

Een denkbeeldige marktplaats waarop verschillende spelers in onderhandeling met elkaar en onafhankelijk van andere ‘velden’ (het politieke, het maatschappelijke etc.) literatuur produceren en evalueren.

Poortwachter

Een speler op het literaire veld die de autoriteit heeft andere spelers toegang tot het literaire veld te verschaffen.

Symbolisch kapitaal

De reputatie die een persoon of een organisatie heeft op het literaire veld, dankzij de contacten die deze persoon of organisatie heeft. Symbolisch kapitaal heb je als je veel anderen kent die ook symbolisch kapitaal hebben.

Als je dus de theorie van Bourdieu volgt over hoe literatuur beoordeeld wordt, dan kijk je als onderzoeker niet zozeer naar de teksten zelf, maar naar acties van de spelers op het literaire veld om te zien wat ‘literatuur’ is. 

Opdrachten

  1. Geef 3 kenmerken van literaire kwaliteit, en gebruik Bourdieu’s termen die je in deze stap geleerd hebt. Dat kunnen nieuwe kenmerken zijn, of de kenmerken uit opdracht 1 die je nu mogelijk anders formuleert. Vergelijk ze opnieuw met een klasgenoot. Waarover waren jullie het eens, en waarover niet?
  2. Vergelijk de kenmerken van literaire kwaliteit die je zelf formuleerde in de vorige stap met deze nieuwe kenmerken.
  3. Over de toekenning van de Nobelprijs voor Literatuur aan de popartiest Bob Dylan ontstond in 2016 commotie. Waar had Dylan die prijs aan verdiend? Leesdit artikel van Tom Willems in de Volkskrant van 10 december 2016. Welke argumenten voert Willems ter verdediging aan? En hoe zijn die argumenten te formuleren en te begrijpen in termen van Bourdieu’s theorie?

In deze stap maakte je kennis met de theorie van Bourdieu die probeert te verklaren hoe literaire kwaliteit wordt toegekend door het literaire veld. In de volgende stap kijk je naar onderzoek waarin ook tekstkenmerken worden betrokken om vast te stellen hoe wordt bepaald wat literatuur is.

Stap 3: Het experiment

In het experiment ga je zelf aan de slag met de instrumenten die je in de vorige stap hebt leren gebruiken. De centrale vraag van dit experiment: vinden we kenmerken van wat als literatuur gezien wordt terug in literaire teksten, of moeten we daarvoor alleen kijken naar de context – de mensen die erover moeten oordelen?

Deze vraag stond centraal in een grootschalig onderzoek ‘The Riddle of Literary Quality’. Doel van het onderzoek was erachter te komen of de toekenning van literaire kwaliteit misschien niet alleen met het sociale spel op het literaire veld te maken heeft, maar ook samenhangt met tekstkenmerken. Is er los van de marktmechanismen in het literaire veld ook nog iets in een tekst zelf wat bepaalt of iets literatuur is? Is er naast daadwerkelijk toegekende literaire kwaliteit ook zoiets als door de tekst zelf bepaalde ‘literaire potentie’? 

Opdrachten

  1. Lees dit artikel van Kim Jautze, die betrokken was bij het onderzoek ‘The Riddle of Literary Quality’. Wat was precies haar onderzoeksvraag? 
  2. Een van de resultaten van het onderzoek is dat lezers A.F.Th. van der Heijden ook hoog waardeerden als ze hem niet zelf hadden gelezen. Dat gold niet voor werk van Saskia Noort. Hoe kun je dat verklaren vanuit wat je in vorige stap geleerd hebt?
  3. Andere romans scoren in beide groepen even hoog op de schaal van literaire kwaliteit. Wat zegt dat verschil over het symbolisch kapitaal van beide typen romans? 
  4. Ga naar de site lezenvoordelijst.nl en vergelijk de ‘boek-kenmerken’ van de verschillende niveaus. Welke verhaalkenmerken leiden volgens deze site tot een hoger niveau? In welke mate spelen ideeën over de literaire kwaliteit van de voorbeeldromans in deze indeling een rol volgens jou?
  5. Nu je kennis gemaakt hebt met mogelijke benaderingen van onderzoek naar literaire kwaliteit, kun je zelf aan de slag. Schrijf in ongeveer 100 woorden een onderzoeksopzet waarmee je de vraag ‘wat is literatuur’ kunt beantwoorden. Beschrijf hoe je tot een antwoord op die vraag gaat komen, wat je daarvoor nodig hebt, en wat je onderzoek gaat opleveren.

Stap 4: De lakmoesproef

In de vorige stap heb je geëxperimenteerd met onderzoek naar literaire kwaliteit en hoe het label ‘literatuur’ wordt toegekend. In deze stap reflecteer je op wat je hebt ontdekt.

Opdrachten

Schrijf een essay van 500 woorden waarin je een van de volgende stellingen onderbouwt of weerlegt. Maak gebruik van de termen ‘literair veld’, ‘poortwachter’ en ‘symbolisch kapitaal’. 

  1. Wat we als ‘literatuur’ beschouwen heeft minder met de teksten zelf te maken dan met de mensen die erover moeten oordelen.
  2. Het is onmogelijk om objectieve maatstaven te vinden voor de beoordeling van literaire teksten (bijvoorbeeld voor recensenten) en dat moeten we dan ook niet proberen.

Stap 5: Het vrije experiment

In het vrije experiment is er ruimte om naar eigen inzicht verder onderzoek te doen met de instrumenten en tools die we in deze proef gebruikt hebben, bijvoorbeeld ook als opstapje voor het schrijven van een profielwerkstuk. Daarnaast is het vrije experiment een ruimte voor creatief schrijven. We geven je richtlijnen om creatief te reflecteren op de thema’s die in deze proef aan de orde kwamen. Kies een van de opdrachten. 

Opdrachten

  1. Schrijf een recensie van een boek dat je onlangs gelezen hebt. Houd het NRC Handelsblad als medium in gedachten. Gebruik de vorm en onderdelen van de recensies in deze krant. Bepaal vervolgens wat jij onder ‘literaire kwaliteit’ verstaat. Baseer je oordeel op tenminste drie tekst- of verhaalkenmerken. En maak expliciet in welke mate de auteur volgens jou een ‘literaire’ roman heeft geschreven.
  2. In najaar van 2016 publiceerden twee Amerikaanse literatuurwetenschappers een boek getiteld The Bestseller Code. Ze beweerden dat ze een algoritme ontwikkeld hadden dat met een nauwkeurigheid van 80 procent kon voorspellen of een roman een bestseller zou worden of niet. Het computerprogramma analyseerde verschillende tekstkenmerken van bestsellers en vergeleek de scores met een set romans die geen bestsellers geworden waren. De patronen die ze ontdekten werkten volgens hen voorspellend. Een tekst die vergelijkbaar scoorde op hun test als de bestsellers, had een verhoogde kans om ook een bestseller te worden. Lees deze recensie van het boek. Ga vervolgens op onderzoek uit en zoek een antwoord op de vraag: welke aspecten van een literaire roman kan een computer wel beoordelen en welke niet? Lees bijvoorbeeld ook eens over dit onderzoek, dat erop gericht is met de computer literatuur te produceren. Geef vervolgens aan wat de rol van het literaire veld nog is in deze benadering van kwaliteit of commercieel succes.

Verder lezen

Proeven_respons