Spelregels

In deze leesclub discussieer je met een groepje van 4 tot 6 lezers over Krankzinnigen van Fré Dommisse. Je doet dat aan de hand van kaartjes met vragen over de tekst. De leesclub begint met een korte inleiding, die een van de spelers voorleest. Daarna volgen 4 rondes:

  1. Ronde 1 bestaat uit 5 quizvragen over de tekst. Een van de spelers leest de vragen voor en alle spelers (inclusief voorlezer) schrijven hun antwoorden op een blaadje. Na het omdraaien van de laatste vraag verschijnen de juiste antwoorden in beeld. Daarna berekent iedereen zijn score.
  2. Ronde 2 is een algemeen vragenrondje over de tekst: de spelers benoemen om de beurt wat ze onduidelijk vonden en proberen samen een antwoord te vinden. Als de grootste onduidelijkheden opgelost zijn, begint ronde 3.
  3. Degene met de meeste goede antwoorden op de quizvragen mag als eerste een kaartje van de discussievragen omdraaien van een stapel naar keuze. Hij of zij geeft antwoord op de vraag, waarna de rest mag reageren. Vervolgens kiezen de overige spelers om de beurt een kaartje van een van beide stapels. Als een discussievraag herhaalt wat eerder in het gesprek al aan bod gekomen is, mag de speler die aan de beurt is een volgende kaart omdraaien. Dit gaat zo door totdat alle kaartjes omgedraaid zijn.
  4. Aan het einde van de discussie komen de spelers samen tot een oordeel over de tekst. In ronde 4 geven ze een oordeel uitgedrukt in sterren en motiveren zij hun keuze.

Inleiding

‘Krampachtig tegen de deur gedrukt bleef ik staan. Dit was dus de zaal, waar ik zou moeten liggen, dit waren de mensen, die net als ik krankzinnig waren. Hier onder dit luid zingen en vloeken zou ik tot rust moeten komen. Waar waren de bossen en waar was de frisse lucht, mij beloofd? Benauwde zaallucht sloeg me tegen.’ (p 10)

Er is een dunne lijn tussen gezond en krankzinnig: wat gebeurt er als deze grens verdwijnt? In Krankzinnigen wordt een vrouw tegen haar wil opgenomen in een psychiatrische inrichting. Er zijn haar bossen beloofd, maar in plaats daarvan ziet zij zich opgesloten achter hekken en dichte deuren. Haar gedachten zijn ontregeld en zweven tussen hoop en wanhoop, heldere ogenblikken en totale verwarring. Krankzinnigen laat zien hoe een mens kan overleven onder zware druk en langzaamaan een weg terugvindt naar de vrijheid van het leven.

Ronde 1: Quiz



Quizvraag

1. In welk type inrichting komt de ik-verteller op haar eerste dag terecht?

2. Welk object fungeert herhaaldelijk als symbool voor opsluiting en afgescheiden zijn van de buitenwereld?

3. Naar welk paviljoen wordt de ik-verteller overgeplaatst, wat zij als bijzonder vernederend ervaart?

4. Welk literair werk gebruikt de arts om de ik-verteller te helpen onderscheid te maken tussen fantasie en werkelijkheid?

5. Welke opleiding besluit de ik-verteller uiteindelijk te volgen als concreet toekomstdoel?

Antwoorden

1 een krankzinnigengesticht
2 het hek (of de muren)
3 Paviljoen Welgelegen
4 Der Erlkönig van Goethe
5 de onderwijzersopleiding (onderwijzersakte)

Ronde 2: Vragenrondje

Wat vond je onduidelijk in Krankzinnigen, wat begreep je niet zo goed? Formuleer om de beurt een vraag over de tekst en probeer samen tot een antwoord te komen.

Ronde 3: Discussie



Feest der herkenning?

Kaart 1/8 - Feest der herkenning?

1. In de eerste hoofdstukken wordt de natuur aanvankelijk ervaren als bedreigend (hek, sneeuw, winter), terwijl zij later juist een rol speelt in hoop en herstel (lente, licht). Leg uit hoe deze verandering samenhangt met de psychische ontwikkeling van de ik-verteller.

Kaart 2/8 - Feest der herkenning?

2. De ik-verteller wil tijdens haar proefverlof koste wat kost “normaal” functioneren. Waarom werkt deze houding uiteindelijk juist tégen haar herstel?

Kaart 3/8 - Feest der herkenning?

3. De arts speelt een cruciale rol in het herstelproces. Noem twee concrete manieren waarop hij verschilt van andere artsen of zusters in het gesticht.

Kaart 4/8 - Feest der herkenning?

4. In meerdere hoofdstukken wordt religie als een steun, maar ook als bron van angst gepresenteerd. Beschrijf aan de hand van één scène hoe religie kan ontregelen én aan de hand van een andere scène hoe zij juist rust biedt.

Kaart 5/8 - Feest der herkenning?

5. In het boek worden dwanggedachten steeds duidelijk onderscheiden van dwangdaden. Waarom is dit onderscheid zo belangrijk voor het herstel van de ik-verteller?

Kaart 6/8 - Feest der herkenning?

6. De ik-verteller krijgt op een bepaald moment de rol van ‘helper’ op de ziekenzaal. Waarom is deze rol tegelijkertijd gevaarlijk én noodzakelijk?

Kaart 7/8 - Feest der herkenning?

7. De roman bevat meerdere ontsnappingspogingen (letterlijk en figuurlijk). Kies één ontsnapping en leg uit waarom deze mislukt.

Kaart 8/8 - Feest der herkenning?

8. Aan het eind van het boek wordt arbeid (leren, studeren, werken) gepresenteerd als voorwaarde voor genezing. Vind je dit een overtuigende visie op herstel? Licht je antwoord kort toe.

Feest der herkenning?

Dit was het laatste kaartje!



Stof tot nadenken?

Kaart 1/8 - Stof tot nadenken?

1. Het gesticht wordt vaak beschreven als een afgesloten wereld met eigen regels, hiërarchieën en rituelen. In hoeverre functioneert het gesticht als een afspiegeling van de ‘gewone’ maatschappij?

Kaart 2/8 - Stof tot nadenken?

2. Veel patiënten in het boek lijken permanent opgesloten te blijven, terwijl de ik-verteller herstelt. Wat zegt dit volgens jou over toeval, verantwoordelijkheid en ongelijkheid in ziekte en genezing?

Kaart 3/8 - Stof tot nadenken?

3. De roman laat zien hoe dun de grens is tussen normaliteit en waanzin. Noem twee voorbeelden uit het boek waaruit blijkt dat die grens vrijwel verdwijnt.

Kaart 4/8 - Stof tot nadenken?

4. Het beeld van de ‘rotswand’ en de ‘gehouwen uitgang’ keert meerdere malen terug. Wat betekent deze metafoor volgens jou?

Kaart 5/8 - Stof tot nadenken?

5. In hoeverre is de roman Krankzinnigen volgens jou een aanklacht tegen de psychiatrie van die tijd. En in hoeverre juist een genuanceerd portret?

Kaart 6/8 - Stof tot nadenken?

6. De ik-verteller moet haar verblijf in het gesticht later verzwijgen voor de buitenwereld. Wat zegt dit over stigma rond psychische ziekten? Herken je dit verschijnsel nog in de huidige maatschappij? Licht je antwoord toe.

Kaart 7/8 - Stof tot nadenken?

7. Het boek eindigt met de zinnen ‘Het oude was voorbijgegaan. – Ziet! Het was alles nieuw geworden!’ (p. 192) Is dit einde volgens jou hoopvol, realistisch of juist kwetsbaar? Licht je antwoord toe.

Kaart 8/8 - Stof tot nadenken?

8. In recensies wordt vaak gesteld dat de roman Krankzinnigen niet alleen over krankzinnigheid gaat, maar vooral over mens-zijn onder extreme druk. Ben je het eens met deze visie? Licht je antwoord toe.

Stof tot nadenken?

Dit was het laatste kaartje!

Ronde 4: Oordeel

Geef Krankzinnigen samen een waardering uitgedrukt in sterren. Beargumenteer vervolgens jullie keuze. Wat vonden jullie goed en wat juist minder goed? Heeft de discussie jullie individuele oordeel veranderd, en zo ja, hoe? Probeer voorbeelden en argumenten te halen uit jullie reacties op de discussievragen.

Heb je zelf een goede discussievraag die nog niet gesteld is? Vul die dan in, dan voegen wij de vraag aan een van de stapeltjes toe.

Leesclubs_respons